Verhaal

geplaatst in: Geen categorie | 0

Verhaal over een jongeman.

 

Hij had zo’n beetje alles wat zijn hart begeerde.

Hij had mensen om zich heen die hem lief waren.

Materieel had hij al het nodige om goed te kunnen leven.

Toch verlangde hij naar meer.

Omdat hij gehoord had van het bestaan ervan, van meer.

Te weten: leven ècht in liefde.

 

Hij vroeg zich af hoe hij daar bij kon komen.

Hij deed toch eigenlijk al het mogelijke om goed te zijn.

Hij had eerbied voor zijn ouders en de hele familielijn daaraan voorafgaand.

Hij leefde oprecht naar eer en geweten.

Waarom was dan dat ene, leven ècht in liefde, niet voor hem weggelegd?

 

Wat kon hij doen om dat te bereiken?

 

In een droom kreeg hij een antwoord.

Geef.

Geef wat je hebt aan anderen.

Laat ieder die je dierbaar is achter en volg je ware Zelf.

Het was een heldere droom, ook na zijn ontwaken.

 

Eenmaal wakker sloeg de twijfel in hem toe.

Als dat wat ik gedroomd heb waar is, durf ik dan te kiezen voor leven ècht in liefde?

Wil ik dat dan wel?

Of doe ik het met ietsje minder en blijf ik waar ik ben…

 

Vrij vertaalde flard uit de Bijbel, Marcus:10,17-31.

 

Ieder moment opnieuw, weet ik nu, kan ik kiezen:

behouden wat ik heb, leven met wat er nu is.

Of,

bereid zijn los te durven laten,

dan mag ik ervaren wat dat is, leven ècht in liefde.

Niet als absoluut, eeuwig gegeven dat ik voor altijd vast kan houden,

maar als iets,

kleine momenten,

van telkens opnieuw.